Sleutelteksten Film- en Mediatheorie, deel 1

Is film kunst of verstrooiing? Een nieuwe manier van tonen of een nieuwe manier van zien? Waarin schuilt de magische aantrekkingskracht van de close-up? En waarom gaan we naar de cinema? Als nieuw medium en jonge kunstvorm sprak film sterk tot de verbeelding van vele denkers, schrijvers en kunstenaars.  De in deze bundel verzamelde teksten registreren met een intense nieuwsgierigheid de effecten van de opkomst van de film, tussen circa 1895 en 1930: de ervaringen van de eerste toeschouwers, de nieuwe esthetische vormen, de reacties van de avant-gardes en de invloed van film op de bestaande cultuur. 

De nieuwe boekenserie Sleutelteksten in Film- en Mediatheorie is een uniek project voor Nederland en Vlaanderen. De serie heeft tot doel om de invloedrijkste teksten uit de geschiedenis van het denken over film en audiovisuele media voor het eerst in het Nederlands bijeen te brengen. Naast gereviseerde vertalingen van sleutelteksten die lang niet beschikbaar waren, onder andere van denkers en filmmakers als Menno ter Braak, Sergej Eisenstein, Maxim Gorki, Georges Méliès en Dziga Vertov, bevat dit eerste deel ook nieuwe vertalingen van internationale sleutelteksten die nooit eerder in het Nederlands verschenen, zoals van Béla Balázs, Germaine Dulac, Louis Delluc, Jean Epstein, Siegfried Kracauer, F.T. Marinetti, Hugo Münsterberg, Paul Valéry en Virginia Woolf. Alle teksten zijn ingeleid en in hun historische context geplaatst om hun blijvend belang voor het denken over film en media te onderstrepen. 

Samenstelling en redactie: Frank Kessler (Universiteit Utrecht), Annie van den Oever (Rijksuniversiteit Groningen), Patricia Pisters (Universiteit van Amsterdam) en Steven Willemsen (Rijksuniversiteit Groningen). Nijmegen: Uitgeverij In De Walvis, 2016